Op deze pagina lees je meer over het energiesysteem in de provincie Noord-Brabant. Ontdek achtergrondinformatie, bekijk de Energie Brabant sessie over het Energieperspectief, lees het laatste nieuws en vind de juiste contactpersonen voor je vragen.
De energietransitie vraagt om een ingrijpende verandering van het bestaande energiesysteem. De overstap van fossiele naar duurzame energiebronnen heeft gevolgen voor de manier waarop energie wordt opgewekt, vervoerd, opgeslagen en gebruikt. Dit vraagt om nieuwe energie-infrastructuur, andere vormen van warmtevoorziening en een andere manier van omgaan met energie in de gebouwde omgeving, mobiliteit en industrie.
Deze systeemverandering raakt alle sectoren en niveaus van de samenleving. Bedrijven, overheden en inwoners spelen ieder een rol bij het verminderen van CO₂-uitstoot en het toekomstbestendig maken van het energiesysteem. Tegelijkertijd is het belangrijk om knelpunten, zoals de druk op het elektriciteitsnet, tijdig te signaleren en aan te pakken.
Het Energieperspectief 2050 beschrijft hoe het energiesysteem van Brabant zich richting 2030, 2040 en 2050 kan ontwikkelen. Het biedt samenhang en richting bij keuzes over energiedragers, infrastructuur, ruimtegebruik en netcapaciteit, afgestemd op verschillende toepassingen zoals wonen, mobiliteit en industrie.
Op 31 maart 2026 stelden Gedeputeerde Staten het aangescherpte Energieperspectief 2050 vast. Dit perspectief is opgesteld in samenwerking met gemeenten, waterschappen, netbeheerders, inwoners en andere betrokken partijen. Na de ter inzageperiode is het Energieperspectief 2050 aangescherpt op basis van reacties, adviezen en de planMER. Daarbij is onder andere aandacht voor de uiteindelijk te maken ruimtelijke afwegingen, regie en samenhang tussen aanpakken.
Het Energieperspectief 2050 ligt nu ter besluitvorming bij Provinciale Staten. Eerst is er een oordeelsvormend gesprek met Provinciale Staten (waarschijnlijk op 22 mei 2026). De Statenleden bespreken dan het voorstel en bepalen hun standpunten. Daarna besluiten Provinciale Staten over het Energieperspectief 2050 (waarschijnlijk op 5 juni 2026). Op beide momenten is het mogelijk om in te spreken. Lees hoe inspreken werkt. Als de Provinciale Staten een positief besluit nemen, gaat provincie Noord-Brabant verder met de uitvoering van de voorgenomen keuzes in het Energieperspectief 2050.
Bekijk het Energieperspectief 2050 (toegankelijke pdf)
Lees hier wat het Energieperspectief inhoudt. We nemen je mee aan de hand van vier praatplaten.
Hoe we energie maken, vervoeren en gebruiken gaat veranderen. In 2050 willen we klimaatneutraal zijn en zo zelfstandig en duurzaam mogelijk omgaan met energie. Minder afhankelijk van anderen, en energie opwekken, opslaan en gebruiken dicht bij waar we die nodig hebben. Dat vraagt om een nieuw energiesysteem, met duurzame opwek, transport en opslag, passend in onze leefomgeving. Lokaal, duurzaam en slim. Hier werken we nu al aan. Stap voor stap, op een manier die bij Brabant past: innovatief, samen en met beide voeten op de grond. We doen dit voor een prettige en gezonde leefomgeving, nu en voor toekomstige generaties.
Om het toekomstbeeld van 2050 te bereiken, moeten we nu keuzes maken. Die keuzes geven we richting vanuit 8 principes:
Hiermee werken we naar een systeem dat voldoet aan onze drie Brabantse waarden: betrouwbaar, betaalbaar én omgevingsbewust.
Waar we nu vooral fossiele brandstoffen gebruiken, stappen we de komende jaren volledig over op duurzame energie. Dat vraagt om een nieuw energiesysteem, met een duurzame bronnenmix. Zo maken we een sterk en robuust systeem met zoveel mogelijk lokale energie, die we lokaal opslaan en verbruiken. Ongeveer 60% komt uit Brabant zelf, 40% van buiten onze provincie, bijvoorbeeld via wind op zee of waterstof.
Belangrijke uitgangspunten voor de bronnenmix:
De energietransitie is al begonnen. We zijn volop bezig en bouwen stap voor stap aan het energiesysteem van de toekomst. Daarbij werken we samen met gemeenten, netbeheerders, bedrijven én inwoners, en sturen we bij waar nodig. De provincie neemt een actievere rol: we maken keuzes, geven richting en zorgen dat plannen ook uitgevoerd worden. Bijvoorbeeld bij de aanleg van hoogspanningskabels, warmtenetten en windparken. De tijdlijn de komende jaren:
Download hier de samenvatting van het Energieperspectief (vier digitaal toegankelijke praatplaten).
Op donderdag 16 april vond de Energie Brabant sessie plaats over het Energieperspectief plaats. Tijdens het webinar namen we kijkers mee in onze visie op het energiesysteem van Brabant in 2050 en deelden we welke stappen nodig zijn om dit te realiseren.
Accepteer cookies van derden om onderstaande video te bekijken.
Bekijk de sessie terug op groot scherm
Bekijk alle evenementen op de agenda
Lees hier de antwoorden op vragen die, tijdens de Energie Brabant sessie Energieopslag, werden gesteld:
De energietransitie is niet op één moment ‘klaar’. Wel is 2050 een belangrijk ijkpunt. We streven naar een klimaatneutraal Brabant dat in 2050 100% duurzame energie gebruikt.
Daarmee bedoelen we dat Brabant in 2050 zoveel mogelijk zelf in zijn duurzame energievraag kan voorzien. Dat vraagt om een robuust energiesysteem dat niet eenzijdig afhankelijk is van import of één energiebron. Daarom koppelen we lokale en regionale energieproductie zoveel mogelijk aan lokale en regionale afname. Tegelijkertijd blijft Brabant onderdeel van het nationale energiesysteem en zullen we dus ook energie blijven importeren.
We verlagen de kwetsbaarheid van ons energiesysteem door te zorgen voor een brede mix van energiedragers, meer lokale opwek en opslag, en een robuuste, netbewust geplande infrastructuur. Dat combineren we met flexibiliteit en vraagsturing. Daardoor is Brabant minder afhankelijk van één bron of netwerk.
De Brabantse economie kan draaien op weersafhankelijke energie door deze te combineren met flexibiliteit, opslag, vraagsturing en regelbare bronnen. Zo zorgen we ervoor dat vraag en aanbod van energie beter op elkaar aansluiten, ook op momenten dat de zon niet schijnt of de wind niet waait.
In gebieden met netcongestie ontstaan wachtlijsten voor nieuwe of zwaardere aansluitingen. Deze wachtlijsten worden beheerd door Enexis voor het regionale elektriciteitsnet en TenneT voor het hoogspanningsnet. De prioritering op deze wachtlijsten wordt landelijk vastgesteld door de Autoriteit Consument & Markt via het maatschappelijk prioriteringskader, dat sinds 1 januari 2026 van kracht is. Dit is geen provinciale bevoegdheid. De provincie stuurt dus niet op wachtlijsten of prioritering, maar werkt via de Brabantse Aanpak Netcongestie samen met Enexis, TenneT en gemeenten aan slimmer gebruik van het net, tijdelijke ruimte en netbewuste ontwikkeling. Zo beperken we de impact van netcongestie voor Brabant en kunnen ontwikkelingen zoveel mogelijk doorgaan.
De provincie ziet hierin een rol als verbinder en regisseur. Zij stuurt op samenhang over gemeente- en regiogrenzen heen, coördineert via instrumenten zoals het pMIEK en neemt waar nodig regie bij bovenlokale energie-infrastructuur. Zo zorgt de provincie ervoor dat keuzes ruimtelijk en bestuurlijk goed op elkaar aansluiten.
De provincie betrekt omwonenden en andere belanghebbenden zoveel mogelijk bij lokale en bovenlokale ontwikkelingen. Dat geldt ook voor de aanleg van ondergrondse hoogspanningsverbindingen. Samen met de netbeheerder voeren we tijdens de projectprocedure én tijdens de aanleg een uitgebreid participatieproces uit. Daarmee willen we zoveel mogelijk inwoners en belanghebbenden bereiken. Participatie is bovendien een verplicht onderdeel van de projectprocedure, zoals vastgelegd in de Omgevingswet. Daarbij houden we rekening met de situatie ter plekke, zodat er ruimte is voor maatwerk.
De provincie erkent dat de energietransitie impact heeft op landschap en leefomgeving. In het Energieperspectief is daarom expliciet gekozen voor de Brabantse waarde ‘omgevingsbewust’. Dat betekent dat energieopgaven in samenhang worden afgewogen met natuur, landschap en leefkwaliteit. Ook is participatie van omwonenden een vast onderdeel van projecten. In de Brabantse Aanpakken wordt dit vertaald naar integrale gebiedsontwikkeling en het koppelen van energieopgaven aan andere ruimtelijke opgaven.
De provincie neemt circulariteit expliciet mee vanuit de Brabantse waarde ‘omgevingsbewust’. Bij nieuwe energie-infrastructuur wordt gestuurd op duurzame materiaalkeuze, hergebruik en recycling. Deze aspecten worden ook meegenomen in de plan-MER en ruimtelijke afwegingen.
Ja, stikstof kan invloed hebben op de energietransitie. Energieprojecten kunnen stikstofeffecten hebben tijdens de aanleg of in de gebruiksfase. Daarom moeten ze passen binnen de natuurwetgeving en de beschikbare milieuruimte. In het Energieperspectief wordt dit op hoofdlijnen meegenomen via de plan-MER en integrale afwegingen. Bij concrete projecten moet stikstof locatiespecifiek worden beoordeeld.
Het Amernet is momenteel een privaat warmtenet van Ennatuurlijk. De provincie is geen eigenaar of beheerder en stuurt daarom niet op de exploitatie of investeringsbeslissingen. Wel ziet de provincie het Amernet als belangrijke bestaande warmte-infrastructuur voor Midden- en West-Brabant. Via de Brabantse Aanpak Warmte zet de provincie samen met gemeenten en het Rijk in op het behoud en de verduurzaming van bestaande warmtenetten.
Met de nieuwe Wet collectieve warmte (Wcw) verandert de context. Warmtenetten moeten op termijn publiek worden geborgd. Het Rijk onderzoekt daarom via de Nationale Deelneming Warmte (NDW) hoe private warmtebedrijven gedeeltelijk kunnen worden overgenomen of publiek kunnen worden verankerd. Daarnaast verkent de provincie samen met Enexis en NDW de oprichting van een publiek warmtebedrijf voor Brabant, om publieke belangen zoals betaalbaarheid, betrouwbaarheid en duurzaamheid in de toekomst beter te waarborgen.
Private warmtebedrijven kunnen ook in de toekomst toegevoegde waarde leveren, vooral bij de ontwikkeling en exploitatie van warmtenetten. Zij brengen ervaring, uitvoeringskracht en investeringsvermogen mee. Dat is nodig om tempo te maken in de warmtetransitie. Met de komst van de Wet collectieve warmte verandert de context: publieke sturing en het borgen van publieke belangen komen meer centraal te staan. Warmtebedrijven krijgen daarbij een publiek meerderheidsbelang en worden aangewezen door gemeenten. Private partijen blijven belangrijke partners, maar vaker in samenwerking met publieke partijen. Voor kleinere en lokale warmtenetten blijft er mogelijk meer ruimte voor private betrokkenheid, omdat de wet voor kleinschalige systemen meer flexibiliteit biedt.
De uitvoering van de negen Brabantse Aanpakken vraagt om samenwerking over grenzen heen, bewuste en gerichte keuzes, en voldoende organisatorische en uitvoeringskracht. Zo kunnen besparing, warmte, infrastructuur en verduurzaming integraal worden gerealiseerd. Daarnaast vraagt dit om actieve afstemming met de provincie, netbeheerders en andere partners, zodat tempo, samenhang en prioritering goed op elkaar aansluiten.
De RES-tafel is bedoeld voor regionale afstemming over vraagstukken die de energietransitie raken. Wat de provincie betreft horen daar vooral onderwerpen thuis die van bovengemeentelijk belang zijn en waarbij rekening moet worden gehouden met de provinciale context en kaders.
Lokale energiecoöperaties zijn een belangrijke partner in de energietransitie. Zij dragen bij aan lokaal eigendom, betrokkenheid en draagvlak. Ook spelen ze een rol in kleinschalige opwek en gebiedsgerichte oplossingen. Binnen de Brabantse Aanpakken kunnen coöperaties bijdragen aan onder andere besparen, lokale energievoorziening en slimme energie-oplossingen. De provincie stimuleert lokaal eigendom via de Brabantse Aanpak Lokaal Eigendom. Daarmee ondersteunen we lokale initiatieven in samenhang met de bredere energieopgaven.
Naar het kennisplein
Programmastrateeg Energie Provincie Noord-Brabant nmaas@brabant.nl
Je zoekopdracht leverde helaas geen resultaat op. Controleer de spelling of probeer het opnieuw met een andere term.
Deze website maakt gebruik van cookies. Lees meer over cookies in onze cookieverklaring.
Deze cookies verzamelen nooit persoonsgegevens en zijn noodzakelijk voor het functioneren van de website.
Deze cookies verzamelen gegevens zodat we inzicht krijgen in het gebruik en deze website verder kunnen verbeteren.
Deze cookies worden gebruikt om statistieken te meten over het gebruik van de website (bijvoorbeeld via Google Analytics, Siteimprove of Matomo) en voor externe videodiensten zoals YouTube of Vimeo. Hiervoor maken wij gebruik van diensten van derde partijen. Deze cookies worden alleen geplaatst na jouw toestemming.
Jouw keuze aanpassen? Dat kan op elk moment via de cookie-instellingen in de footer.